Posts tonen met het label Bovenburen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bovenburen. Alle posts tonen

donderdag

5 augustus 1957

De Beersterweg is geopend. Hogere instellingen dan de gemeente hadden besloten dat deze weg van groter belang was dan de weg door Bovenburen. En dat maakt blijkbaar veel uit, want hoe lang is het nou helemaal geleden dat de gemeenteraad daar over vergaderde?
Iedereen noemt het een prachtige weg, en dat is het ook. Ik ben er zelf ook even over heen gereden, wel niet met een luxe wagen, zoals de burgemeester, maar toch wel met de fiets.

maandag

9 oktober 1956

De uitbreiding van Winschoten - 1200 nieuwe woningen in het plan Bovenburen, 400 in het plan St. Vitusholt en in de toekomst ten zuiden van de spoorlijn nog eens een grote nieuwe woonwijk - vraagt om ideeën over de plaats van nieuwe winkels: moeten ze in de woonwijken of moet het centrum beter bereikbaar worden?
Het gemeentebestuur heeft aan deze kwestie een bijeenkomst gewijd waarop verschillende sprekers acte de presence gaven. Op deze bijeenkomst wees de heer Akker erop dat er jaarlijks in Nederland 60.000 woningen bijgebouwd worden. Dat betekent dat er per jaar meer dan 100.000 mensen verhuizen. Omdat de nieuwbouw tegen-woordig gebeurt in de vorm van wijken, en niet in de vorm van losse woningen, vinden deze verhuizingen stootsgewijs plaats. De midden-stand speelt op deze vernieuwingen in door in de nieuwe wijken win-kels te vestigen voor de alledaagse benodigdheden: brood, vlees, kruidenierswaren. Winkels met gebruiksgoederen blijven in het cen-trum. Het is de taak van de gemeente ervoor te zorgen dat het voor winkeliers aantrekkelijk is zich te vestigen in zo'n buurt.
Prof. Bruin kwam met concrete voorstellen: hij vond dat er een klein winkelcentrum moet komen op het punt waar het Zandpad overgaat in de Witte de Withstraat. Hij zag daar ruimte voor 9 bedrijven (buurtwinkels). Ook bij de wijk in St. Vitusholt zou een dergelijke win-kelcentrumpje kunnen komen. Voor de nieuwbouw ten zuiden van het spoor dacht hij aan een iets groter complex.
De voorzitter van Handel en Nijverheid, Brouwer, was het met de sprekers eens, maar hij zag ook toekomst voor het Kolkje: zijns in-ziens zou daar een tweede winkelcentrum kunnen komen. Hij was er overigens tegen dat de gemeente een al te grote vinger in de pot kreeg bij het vaststellen van plaatsen waar winkels zich zouden kun-nen vestigen. Hoe hij zich dat voorstelt is mij niet duidelijk. In een geheel nieuwe woonwijk is geen ruimte voor de bouw van winkels als die niet meteen meegepland worden. Door de snelle groei van de bevolking is geplande woningbouw noodzakelijk, maar de winkelier wil de handen vrij houden en in deze planning niet meegenomen worden. Een onoplosbaar probleem: laten we hopen dat al die prach-tige winkelcentra straks niet leeg staan en iedereen toch naar het centrum moet voor zijn dagelijkse boodschappen.

vrijdag

1 maart 1956

Winschoten is een uitgestrekte gemeente en er wonen dus ook men-sen ver buiten het centrum. Zo staan er op het Oostereinde, de naam zegt het al, nog vijf woningen die niet zijn voorzien van waterleiding. Ze staan achter op de Oostwolderweg.
De bewoners van deze huizen hebben de gemeente verzocht om stro-mend water. De N.V. Waterleidingmaatschappij voor de provincie Groningen is bereid deze huizen aan te sluiten op dezelfde voorwaar-den als de andere woningen aan het Oostereinde, maar ze wil ook dat de gemeente het tekort van f 8800,- voor haar rekening neemt.
De gemeente is op termijn echter van plan het Oostereinde te ontruimen en alle huizen daar af te breken. De vraag is dus of deze investering in de volksgezondheid verantwoord is gezien het feit dat deze woningen er nog hoogstens twintig jaar staan. B & W vinden van niet; de raad vindt van wel. Er is nog geen beslissing genomen.
Een tweede zaak die in de gemeenteraad speelt is de verbetering van de weg door Bovenburen in combinatie met de aanleg van een cen-trale riolering met een bijbehorende zuiveringsinstallatie bij Boven-buren. Het geld is daarvoor al vrijgemaakt, maar men hoopte, in het kader van maatregelen voor de aanvullende werkgelegenheid, op een subsidie uit Den Haag. Het lijkt erop dat die subsidie er niet komt. Met moet echter desondanks met de verbetering beginnen om aanleg van de riolering mogelijk te maken.
In de raad was de meerderheid van mening dat de reconstructie van de Beersterweg belangrijker is. Als de gemeente met de aanleg van de riolering niet begint bij de nieuw aan te leggen zuivering, maar in het centrum, dan kan men eerst geld besteden aan de Beersterweg, die van groter economisch belang is en bovendien in zijn huidige staat een gevaar vormt voor het verkeer.
Het probleem is dat voor de reconstructie van de Beersterweg nog geen toestemming is gegeven.
Conclusie: men gaat verder met de bureaucratische procedures om toestemming en geld en verder gebeurt er niets.