Posts tonen met het label Oost-Groningen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Oost-Groningen. Alle posts tonen

woensdag

19 september 1963

De taal is gratis. Terwijl men er met de mond naar streeft om de werk-loosheid in Oost-Groningen te verminderen, wordt er in de praktijk alles aan gedaan om hier werk weg te halen.
Na de arrondissementsrechtbank en de Raad van Arbeid is nu het ka-daster aan de beurt. Prima kunnen ze je voorrekenen dat het echt veel goedkoper is het hypotheekkantoor, het kadaster, de landmeet-kundige dienst en die inspectie van registratie en inspectie over te hevelen naar Groningen. Dat daarmee hoogwaardige werkgelegen-heid en service aan de burgers verloren gaat wil men op het mini-sterie niet eens zien.
Maar niet alleen het ministerie draagt hier schuld. Ongetwijfeld is ook de stad Groningen bezig haar machtspositie verder uit te bouwen. Ze hebben daar nooit kunnen verdragen dat andere plaatsen in de pro-vincie zich ontwikkelen.
Een lichtpuntje in dit soort tijden is dat Klaas Nuninga thans spits van het Nederlands elftal is. Toch nog iets om trots op te zijn.

zondag

29 juni 1963

Twee problemen zullen wel nooit opgelost worden. De geringe industrialisatiegraad van Oost-Groningen (we liggen niet alleen in een uithoek van Nederland, maar ook in een uithoek van Europa) en de geringe belangstelling van gewone mensen voor Cultuur.
De Bestuurdersbond, je weet wel, de club van plaatselijke vakbonds-bestuurders, constateert dit, maar wil er ook iets aan doen. Wat, zul je vragen. Ook zij komen niet veel verder dan constateren dat er pro-blemen zijn (door de groei van de bevolking en de teruggang van de werkgelegenheid in de landbouw) - en problemen dreigen als er niet meer werkgelegenheid komt in de vorm van industriële vestigingen van enig formaat: werkloosheid en het wegtrekken van jonge en vak-bekwame krachten.
Wat de Cultuur betreft, de bond constateert dat concerten, opera en operettes te weinig publiek trekken. Waarom vinden ze dat zo erg? Niet omdat het nu niet uit kan voor Dommering, maar omdat deze Cultuur zo belangrijk is voor de vorming van het publiek.
Aan de andere kant vindt men ook dat organiserende instanties te weinig rekening houden met de smaak van het grote publiek. Het bestuur stelt voor in samenwerking met confessionele bonden en be-drijfsleven een fonds te stichten dat zich ten doel stelt voorstellingen te organiseren die een breed publiek kunnen trekken.
O, ja. Gezellige mensen stoken kolen. (advertentie)

dinsdag

11 juni 1963

Het gaat goed in Nederland, maar niet in Oost-Groningen. Als we de deskundigen geloven tenminste. In Dommering sprak gisteren prof. Korteweg, de voorzitter van De Raad voor de Welvaartsbevorde-ring 'Opbouw Oost-Groningen'. Volgens hem vertoont de 'welvaarts-toestand' van Oost-Groningen inderdaad een aanmerkelijke verbete-ring, maar onze streek blijft een probleemgebied. De structurele verbetering is te gering en van opbloei kan al helemaal niet gespro-ken worden. Vooral de industrialisatie heeft te weinig vaart om op lange termijn voldoende werkgelegenheid te kunnen garanderen. Daarom zal ook in de toekomst de stimuleringspolitiek moeten worden voortgezet.
Ad infinitum.

maandag

30 mei 1959

Na de plaatselijke politiek de plaatselijke economie: de ontvolking van het platteland. Tussen 1950 en 1957 vertrokken uit Oost-Gronin-gen 12.000 mensen. Men schat dat de middenstand daardoor bijna 9 miljoen gulden minder heeft omgezet. Dat betekent niet alleen een vermindering van het inkomen, maar ook dat bedrijven minder makkelijk te verkopen zijn. Om te voorkomen dat er straks in het geheel geen winkels en kleine ambachtsbedrijven op het platteland zijn moet er volgens het Nederlands Verbond van Middenstands-ondernemingen een fonds komen om deze kleine bedrijven te steu-nen. Een goed idee, lijkt me, want anders kunnen alleen mensen met een auto straks nog boodschappen doen. Hoe moet de rest dan aan levensmiddelen, stofzuigers en nieuwe kranen komen?