Posts tonen met het label Delfzijl. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Delfzijl. Alle posts tonen

woensdag

26 juni 1954

Geloof het of niet, de bouw van de sodafabriek in Delfzijl, die waar ze ons zout gaan verwerken, heeft geleid tot een principieel debat in de Tweede Kamer over de mate waarin bedrijven die afhankelijk zijn van overheidssteun, gesocialiseerd moeten worden.
De fabriek in Delfzijl heeft 21 miljoen gulden garantie van de overheid nodig en de minister van Economische Zaken Zijlstra wil die garantie zonder meer geven. Maar P.v.d.A. afgevaardigde Nederhorst is daar niet zo voor. Zijns inziens zou er geen sprake moeten zijn van een garantie, maar zou de overheid in ruil voor die 21 miljoen toezicht moeten kunnen houden op de bedrijfsvoering. Hij gaat niet zover dat er regeringsvertegenwoordigers (ambtenaren) in de directie zouden moeten zitten.
De minister kwam tegemoet aan de P.v.d.A. door het volgende toe te zeggen: het Nederlandse karakter van het bedrijf is gegarandeerd om-dat de aandelen op naam alleen verkocht mogen worden aan Neder-landers en als dat niet mogelijk is aan de Staat. Een vertegenwoor-diger van de regering zal een plaats krijgen in de raad van commis-sarissen. Deze toezegging zal voldoende zijn, want er is in de kamer een meerderheid voor het project. Het zal dus wel bij één commissa-ris blijven in ruil voor die 21 miljoen gulden.

vrijdag

15 april 1953

De zoutkolom onder Winschoten ligt drie- à vierhonderd meter on-der de oppervlakte, heeft een dikte van 1 kilometer en een omvang van enkele kilometers. De sodafabriek om dat zout te verwerken komt in Delfzijl. Daar kan men in 24 uur per dag, zeven dagen per week ongeveer 1000 ton zout verwerken. Bij dat tempo ligt hier nog voor duizenden jaren zout.
De fabriek komt niet in Winschoten omdat het afvalwater veel calciumchloride bevat. Dat koekt makkelijk aan in de afvoerbuizen en moet dus zo snel mogelijk geloosd worden. Waar men vanuit Win-schoten lange pijpleidingen moet aanleggen om in de zee te lozen, kan men in Delfzijl het afvalwater direct in de Eems laten stromen.
Om het zout van Winschoten naar Delfzijl te vervoeren worden wel pijpleidingen aangelegd. Via de ene pijpleiding wordt vanuit Delfzijl Eemswater naar Winschoten gepompt. Daar wordt het onder druk in de zoutlagen geperst. Het zout lost op, ongeveer 100 kilo zout in 1000 liter water, en het zilte nat gaat dan via de andere pijpleiding terug naar Delfzijl.
Daar wordt het water verdampt, het zout bewerkt met ammoniak en kalk waarna soda overblijft. Omdat dat zo'n goedkoop product is, moeten de vervoerskosten zo laag mogelijk worden gehouden. Dat is de tweede reden voor de keuze van Delfzijl als vestigingsplaats: daar kunnen schepen tot 10.000 ton aanmeren.
Allemaal mooi en aardig natuurlijk, maar wat hebben alle werkloze ex-landarbeiders daaraan. Niets. Wij hebben 10 % werklozen. Die vijf-honderd arbeidsplaatsen gaan nu naar Delfzijl, terwijl hier het zout bijna automatisch uit de grond wordt gehaald. Misschien is het rede-lijk, eerlijk is het niet.