zondag

17 juni 1953

Er is een opstand in Oost-Duitsland! Blijkbaar is het daar toch niet zo socialistisch als de communisten beweren. Want het zijn de arbeiders die in opstand zijn gekomen. Duizenden bouwvakarbeiders protes-teerden gisteren in Oost-Berlijn tegen de verhoging van de prestatie-normen. Zij eisten het aftreden van de regering en vrije verkiezingen.
De regering gaf toe: men liet luidsprekerwagens omroepen dat men afzag van de verhoging. In een regeringscommuniqué werden ver-volgens staatsbedrijven die de normen ook hadden verhoogd ver-oordeeld. Maar de vlam was in de pan en het duveltje liet zich niet meer terugdrukken in het doosje.
De bouwvakkers hebben opgeroepen tot een algemene staking. Men wil niet alleen lagere prestatienormen, hogere lonen en lagere prij-zen, men wil vooral vrij zijn.
Vanmorgen hebben politie en leger ingegrepen. Communisme is mooi, maar arbeiders moeten wel hun bek houden. Er zijn barricades opgeworpen en ruiten van staatswinkels vernield. De zich socialis-tisch noemende S.E.D. heeft al Russische militairen en pantserwagens de straat op laten komen. Zo gaat het als het volk genoeg heeft van de bonzen die zich over zijn rug een genoeglijk leven hebben bezorgd.
De Rosenbergs maken geen schijn van kans met hun gratieverzoeken. Het zal hun gaan als Sacco en Vanzetti: slachtoffers van een systeem dat zondebokken zoekt voor eigen falen.

zaterdag

28 mei 1953

Gemeenteraadsverkiezingen zijn volgens de Tsjechische schrijver Jaroslav Hasek het zout in de pap van het saaie dagelijkse bestaan. Wij hebben ze ook weer gehad. De PvdA heeft een zetel gewonnen ten kosten van de C.P.N.
De zetelverdeling is nu als volgt:
PvdA 8 (7)
Rechtse Groep 4 (4)
C.P.N. 2 (3)
V.V.D. 3 (3)
G.P.V. 0 (0)
Het zal wel een combinatie worden van PvdA en Rechtse Groep: elk een wethouder.

vrijdag

15 april 1953

De zoutkolom onder Winschoten ligt drie- à vierhonderd meter on-der de oppervlakte, heeft een dikte van 1 kilometer en een omvang van enkele kilometers. De sodafabriek om dat zout te verwerken komt in Delfzijl. Daar kan men in 24 uur per dag, zeven dagen per week ongeveer 1000 ton zout verwerken. Bij dat tempo ligt hier nog voor duizenden jaren zout.
De fabriek komt niet in Winschoten omdat het afvalwater veel calciumchloride bevat. Dat koekt makkelijk aan in de afvoerbuizen en moet dus zo snel mogelijk geloosd worden. Waar men vanuit Win-schoten lange pijpleidingen moet aanleggen om in de zee te lozen, kan men in Delfzijl het afvalwater direct in de Eems laten stromen.
Om het zout van Winschoten naar Delfzijl te vervoeren worden wel pijpleidingen aangelegd. Via de ene pijpleiding wordt vanuit Delfzijl Eemswater naar Winschoten gepompt. Daar wordt het onder druk in de zoutlagen geperst. Het zout lost op, ongeveer 100 kilo zout in 1000 liter water, en het zilte nat gaat dan via de andere pijpleiding terug naar Delfzijl.
Daar wordt het water verdampt, het zout bewerkt met ammoniak en kalk waarna soda overblijft. Omdat dat zo'n goedkoop product is, moeten de vervoerskosten zo laag mogelijk worden gehouden. Dat is de tweede reden voor de keuze van Delfzijl als vestigingsplaats: daar kunnen schepen tot 10.000 ton aanmeren.
Allemaal mooi en aardig natuurlijk, maar wat hebben alle werkloze ex-landarbeiders daaraan. Niets. Wij hebben 10 % werklozen. Die vijf-honderd arbeidsplaatsen gaan nu naar Delfzijl, terwijl hier het zout bijna automatisch uit de grond wordt gehaald. Misschien is het rede-lijk, eerlijk is het niet.

donderdag

11 maart 1953

Alle gelul over werkgelegenheid ten spijt wordt De Raad van Arbeid, die de kinderbijslag e.d. regelt, uit Winschoten weggehaald en over-geplaatst naar Groningen. Het zal wel weer goedkoper zijn om te concentreren. Maar hier verdwijnen maar mooi weer arbeidsplaat-sen en inwoners. Mooi praten, maar slecht doen. Dat is het motto.

woensdag

6 maart 1953

Hij is dood. Nu afwachten wie van al die schoften de macht in handen weet te krijgen.

dinsdag

4 maart 1953

Stalin heeft een beroerte gehad. Misschien gaan de tijden veranderen.

maandag

4 februari 1953

In de krant staat ook een groot stuk over de maatregelen die nodig zullen zijn om dergelijke rampen in de toekomst te vermijden. In de eerste plaats verzwaring en verhoging van de dijken.
Daarnaast schijnt men al enige tijd na te denken over de mogelijkheid de zeegaten in Zeeland af te sluiten. Dan kan de zee niet meer zo diep het land binnendringen en wordt de kans op een overstroming aan-merkelijk verkleind.
De kosten zijn gigantisch. Anders dan bij de Afsluitdijk is de werking van eb en vloed in Zeeland behoorlijk te merken. Dat is één van de redenen waarom de overstroming tot een zo grote ramp heeft kun-nen worden.
Het schijnt dat we nog van geluk kunnen spreken dat de rivieren niet gezwollen waren. Dan was de ramp nog groter geweest. Aan de ande-re kant, althans volgens de krant, is de kans op het samenvallen van Noordwesterstorm en springvloed, wat dus afgelopen zondag gebeur-de, zo klein dat het slechts eens in de driehonderd jaar gebeurt. Toch wil men er blijkbaar niet van uitgaan dat de volgende ramp daarom driehonderd jaar op zich laat wachten. (Dat laat zien dat aan zo'n uitspraak over kansen ook niet al te veel betekenis moet worden gehecht).

zondag

3 februari 1953

De hulpacties zijn in volle gang. Je kunt geld storten op giro 9575 of goederen (kleding, dekens e.d.) brengen naar de Huishoudschool. Er worden collectes georganiseerd en je kunt naar de Winschoter Cou-rant bellen om spullen op te laten halen. Er zijn ook mensen die aan-geboden hebben mee te helpen in de getroffen gebieden. Dit aanbod werd gewaardeerd, maar afgewezen, omdat men al te weinig onder-dak heeft voor alle mensen die van huis en haard verdreven zijn.
Elke dag staan er foto's in de krant van ondergelopen dorpen en van mensen die op het dak van hun huis zitten in de hoop dat ze gezien en gered worden. Het water staat vaak tot aan de dakgoot.

zaterdag

1 februari 1953

Het was noodweer vannacht, maar zo erg als het in het westen van ons land is geweest, was het hier toch niet. Volgens de radio is een hoge vloedgolf de riviermondingen binnengedrongen, heeft zij dijken doorbroken of overspoeld en liet zich door niets of niemand meer tegenhouden. Grote delen van Zeeland, de polders in Holland en gebieden in West-Brabant en rond Rotterdam en Dordrecht zijn onder water gelopen. Het lijkt erop dat honderden mensen verdron-ken zijn. Daartegen valt de materiële schade, hoe groot die ook mag zijn, natuurlijk in het niet.

vrijdag

7 januari 1953

Ik weet niet of ik het er al eerder over gehad heb, maar het gaat niet goed met de amateurmuziekverenigingen: er zijn vooral te weinig le-den, maar ook te weinig optredens en niet genoeg publiek.
Om dat laatste op te lossen hebben veel verenigingen al lange tijd de gewoonte de jaarlijkse uitvoering te laten bestaan uit twee gedeelten: voor de pauze muziek, na de pauze toneel, al of niet gespeeld door eigen leden.
Dat de mensen wel geïnteresseerd zijn in muziek bleek wel weer bij de onlangs gehouden beurs in Dommering. Drommen mensen stonden langs de kant van de weg en kwamen naar de uitvoeringen van de Amsterdamse Politiekapel, de Asser Militaire Kapel en de Boerenka-pel. En die spelen heus niet zo veel beter dan Nieuw Leven of een van de ander Winschoter verenigingen.
Daar komt nog bij dat dergelijke orkesten wel uitgenodigd worden voor zulke lucratieve activiteiten en de Winschoter orkesten niet, en zij kunnen het geld juist zo goed gebruiken.
Het bestuur van Nieuw Leven denkt de problemen op te kunnen los-sen met twee maatregelen: uitbreiding van het repertoire met popu-lairdere muziek en de aanschaf van uniforms. Over beide ben ik niet enthousiast. Maar ja, we hebben nog maar 22 leden en veel nieuwe aanwas is er niet. Dus misschien moet het maar.
De kosten van de uniforms zijn niet gering: ergens tussen zes- en zevenduizend gulden. Er is een actiecomité opgericht (Harry Die-trich, T. Vlieg, J. Blom, J. Bootsman, P. van der Veen en L. Venema) dat gaat proberen het geld bijeen te krijgen.
Om te beginnen wordt er op de dag dat Winschoten bevrijd werd, 15 april, een showavond georganiseerd waarvan de opbrengst bestemd zal zijn voor de uniformen. Verder probeert men een deel van de kosten van het Prins Bernard Fonds te krijgen en hoopt men op steun van grote bedrijven en andere verenigingen.

donderdag

10 december 1952

De al drie dagen durende dikke mist in Londen is eindelijk opgetrok-ken. Twee dagen geleden was die zo dicht dat men letterlijk geen hand voor ogen kon zien. Om drie uur in de middag was het op Piccadilly Circus even donker als midden in de nacht. Men verwacht dat hon-derden mensen met bronchitis of astma als gevolg van de koolstof, de roet en de scherpe rook die in de mist vastgehouden werden, zullen overlijden. Op dit ogenblik zijn al meer dan honderd, meest oudere mensen, aan de gevolgen van de mist overleden.

woensdag

2 october 1952

Er bevindt zich zoveel zout in de grond in het zuiden van Winschoten dat proefboringen naar zout op andere plekken in Nederland overbo-dig zijn geworden. Er is niet alleen veel zout, maar het ligt ook nog dicht aan de oppervlakte.
De Nederlandse Aardolie Maatschappij (N.A.M.) heeft een concessie aangevraagd voor het naar boven halen van steenzout en anhydriet, en voor het bewerken van deze stoffen. Omdat het steenzout ook ka-liumzouten bevat heeft zij ook voor deze zouten een concessie aan-gevraagd.
Overigens is de N.A.M. niet van plan deze zouten zelf te verwerken, maar wil zij de concessies overdragen aan derden. De N.A.M. ver-strekt zelf geen verdere bijzonderheden, maar er gaan al waarschu-wingen uit voor al te gespannen verwachtingen wat betreft de werkge-legenheid in Winschoten. Mochten er al fabrieken komen om de zou-ten te bewerken dan komen die waarschijnlijk in Delfzijl, omdat het afvalwater daar makkelijker verwerkt kan worden. Bovendien is de verscheping in een zeehaven natuurlijk eenvoudiger dan in een binnenhaven zoals die van Winschoten. Zo zie je maar. Hier de grondstoffen, daar de rijkdom.
Aan de andere kant, wij hebben hier een steenfabriek waarvoor de klei echt niet uit de gemeente Winschoten komt. Waar de klei voor de fabriek van Strating wel vandaan komt, weet ik niet, maar dagelijks zie je de pramen met klei door het diep naar de steenfabriek in het centrum van Winschoten varen waar met een permanente grijper de klei wordt gelost en met karretjes de fabriek wordt ingebracht. Eigen-lijk is het zeer merkwaardig dat zo'n grote fabriek aan de kop van de Langestraat ligt. Het is misschien geen vervuilende tak van industrie, maar het hele terrein van de steenfabriek ligt vol met fijn rood poeder, en gruis van de gebakken stenen.

dinsdag

23 september 1952

Af en toe zie je van die tekens die je doen afvragen of er wel vooruitgang is in de wereld. De beroemde Londense mist is door alle industriële uitlaatgassen zo vervuild dat de nylonkousen van de vrouwen er in oplosten. Verder kwamen er door de schoorstenen brandende dingen (?) naar binnen die schade aanrichtten op alles waar ze op landden: vloerbedekking, kleding, haar etc..

maandag

17 juli 1952

Dommering krijgt de tuinen van de H.B.S. niet. De gemeente wil de grond houden om de fietsenstalling van de school uit te kunnen breiden. Bovendien acht men het in het algemeen niet gewenst om 'gemeentelijke gronden grenzende aan andere eigendommen te verkopen, daar dan de mogelijkheid om een bestaand perceel uit te breiden, zal komen te ontbreken'. Dus geen terras etc.