woensdag

27 oktober 1956

De opstand in Hongarije gaat gewoon door. Er zijn berichten dat het hele westen van het land in handen is van de opstandelingen. De re-gering van Nagy heeft beloofd dat als de gevechten ophouden er een nieuwe regering komt (zonder communisten) en arbeidersraden om plannen voor loonsverhogingen uit te werken.
Bovendien is bekend gemaakt dat degenen die voor tien uur de wa-pens neerleggen niet zullen worden vervolgd. Dit decreet vervangt een eerdere waarin een ieder die bewapend rondloopt gedreigd werd met standrechtelijke executie.
Er zou in Boedapest sprake zijn van veel slachtoffers, zowel onder de Hongaren als onder de Russen. Er zijn sluipschutters actief die elke Rus die in het vizier komt doden; talloze mensen zijn aan lantaarnpa-len en vlaggenmasten opgehangen, zowel opstandelingen als Russen. Groepen mensen worden standrechtelijk geëxecuteerd; gevangen ge-nomen Hongaren zijn uit de vierde verdieping van het gebouw van het radiostation gegooid. In de straten van Boedapest staan twaalf uitgebrande Sovjettanks.
De regering heeft overleg gevoerd met een delegatie van Hongaarse arbeiders en beloofd dat de Russen voor 1 januari 1957 vertrokken zullen zijn. Bovendien heeft hij nog 20 andere eisen ingewilligd, maar de krant weet niet welke. Wat er echt gebeurt in Boedapest weet ei-genlijk niemand.

dinsdag

26 oktober 1956

Ik zit hier in het rustige Winschoten, terwijl daar in Boedapest geschiedenis wordt geschreven. Nagy is aangetreden als premier en heeft volgens de Hongaarse radio aangegeven rekening te willen houden met de wensen van het 'publiek'.
Radio Boedapest verdween na een nieuwsbulletin plotseling uit de lucht. Ik geloof niet meer dat Nagy de Russen heeft binnen gehaald. De eerste secretaris van de communistische partij, Geroe, is vervan-gen door Kadar, die om politieke redenen vijf jaar gevangen heeft gezeten. Dat laatste is altijd een goed teken.
De opstand is nog niet bedwongen en de radio maant de mensen thuis te blijven, dus ook niet naar het heilige werk te gaan. Inmiddels zijn er meer berichten dat ook arbeiders en soldaten (zelfs Russen) de op-stand steunen.
Nagy wil met de Russen onderhandelen over het terugtrekken van hun troepen. Hij zou de Hongaars-Russische betrekkingen bij willen stellen op basis van gelijkheid en nationale onafhankelijkheid. Hij be-loofde dat opstandigen die de wapens neerleggen edelmoedig beoor-deeld zullen worden en dat, als alles weer rustig is, de regering zal komen met een hervormingsprogramma. Tot nog toe heeft dat geen effect gehad.
In Polen is alles weer rustig.

maandag

25 oktober 1956

Niet in Polen, maar in Hongarije is de vlam in de plan geslagen. Studenten en arbeiders hebben een gewapende opstand ontketend waarbij ze, naar verluid, gesteund worden door Hongaarse soldaten die oogluikend toestaan dat de opstandigen munitie toegevoerd krijgen. In veel Hongaarse steden zijn ongeregeldheden, terwijl in Boedapest sprake is van een daadwerkelijke poging tot revolutie.
De kern van het gewapend verzet bevindt zich in de wijk waar de regerings- en zakengebouwen staan: Pest. Volgens de berichten heeft Nagy de hulp van Russische troepen ingeroepen, maar het komt mij voor dat deze ook zonder zo'n oproep wel in actie zouden zijn gekomen. Er wordt gebruik gemaakt van tanks, pantsergeschut en straaljagers. Je ziet, men laat niets aan het toeval over.
Het zal je dan ook niet verbazen dat de belangrijkste eis van de revolutionairen "Weg met de Russische troepen" is. Om de schrik er goed in te krijgen zal men deze keer, anders dan toen in Berlijn, wel flink wat mensen over de kling jagen. Volgens de krant zijn er al honderden doden.
Ook in Polen wordt weer flink gedemonstreerd: veiligheidspolitie in burger heeft in Warschau geprobeerd een demonstratie uit elkaar te slaan. Gomoelka heeft de bevolking gevraagd geen massabijeenkom-sten en demonstraties meer te houden. Hij kondigde aan dat de Russische troepen binnen twee dagen naar hun bases zullen terugke-ren, maar stelde ook dat de NAVO en de herbewapening van Duits-land de aanwezigheid van Russische troepen in Polen noodzakelijk maakt. De koude oorlog dwingt iedereen in het keurslijf van "wij en zij" (en daar bedoel ik niet mee: armen en rijken, want die verdeling loopt door alle landen, kapitalistisch of communistisch, heen. Wat dat aangaat is er weinig veranderd).

zondag

24 oktober 1956

Kroetsjef heeft toegezegd dat de Russische troepenbewegingen in Polen zullen ophouden en dat de oorlogsschepen uit de Poolse wateren worden terug getrokken. Daarmee heeft hij voldaan aan de voorwaarden die Gomoelka had gesteld voor een gesprek.
Ondertussen vinden in diverse steden anti-Russische rellen plaats. Er zijn ruiten ingegooid bij Russische gebouwen, en het ontslag van mi-nister van defensie Rokossovski werd geëist. In Warschau staan vele groepen mensen op straat te discussiëren, en allerwegen wordt ge-vraagd om eerherstel van degenen die in het verleden op valse gronden vervolgd zijn.
Ook in Hongarije broeit het. Daar wordt door studenten gedemon-streerd. Zij eisen de terugkeer van Imre Nagy als leider van de partij en van de regering. Leden van de veiligheidsdienst zouden gepro-beerd hebben de demonstratie te verhinderen, waarbij gewonden zijn gevallen. Nagy is ondertussen weer benoemd in het centraal comité en in het politieke bureau van de communistische partij. Deze organisaties hebben beide zijn benoeming tot premier aanbevolen. Nagy is een omstreden figuur in de communistische wereld, omdat hij de productie van de zware industrie ondergeschikt acht aan de productie van consumptiegoederen. Dus ook in Hongarije gaat het erom spannen.
Het kan zijn dat Gomoelka en Nagy gedwongen worden hun ideeën te laten voor wat ze zijn en over te gaan tot de orde van de dag. Uit het westen hoeven ze denk ik geen steun te verwachten omdat het risico van een kernoorlog te groot is. De Polen en Hongaren, en misschien ook wel de Russen, zijn dus afhankelijk van de mate waarin Kroetsjef echt anti-Stalinistisch is of, misschien, van de mate waarin het Rus-sische leger bereid is Oost-Europa te laten gaan. Als je dat laatste als criterium houdt, wat me wel reëel lijkt, dan maken Polen en Honga-rije weinig kans. Maar we zullen zien.

zaterdag

23 oktober, 1956

Het gaat niet goed in Polen. De Russen zijn hun troepen daar aan het herschikken en een smaldeel van de Russische marine is de haven van Danzig (Gdansk) binnen gelopen.

vrijdag

22 oktober 1956

Het zijn roerige tijden. Na de opstand in Poznan lijkt nu de hele Poolse communistische partij in opstand te zijn gekomen. Tot voor-zitter van de CP is gekozen Wladislaw Gomoelka, die onafhankelijk-heid van Moskou hoog op zijn agenda heeft staan. Kroetsjef, Molotof en andere Russische bonzen waren aanwezig om hun kandidaat maar-schalk Rokossovski, de huidige ministerie van defensie, te steunen, maar ze werden niet tot het congres toegelaten. Een delegatie van afgevaardigden sprak met de Russische delegatie, hoorde de bedrei-gingen aan en liet ze daarna met lege handen gaan.
In zijn rede heeft Gomoelka het beleid van de laatste twaalf jaar afgekraakt: hij pleitte voor een Poolse weg naar het socialisme en stelde dat de opbrengsten van zelfstandige boerderijen veel groter waren dan van staatsbedrijven. Hij sprak met sympathie over de arbeiders die in Poznan in opstand waren gekomen en veroordeelde het gegoochel met statistieken op basis waarvan de regering had aangetoond dat de lonen de laatste zes jaar met 27 % waren gestegen. Hij liet weinig heel van rooskleurige beelden: veel fabrieken liggen stil door gebrek aan grondstoffen; de huisvesting is abominabel en het beleid van de regering had geleid tot de teruggang in de productie van steenkool. Hij kondigde hervormingen van de kieswet aan, waardoor het volk niet alleen zou kunnen kiezen, maar ook gekozen zou kunnen worden.

donderdag

18 oktober 1956

Gisteren was het Veilig Verkeersdag. Het resultaat: 10 doden, 8 zwaargewonden en talloze lichtgewonden. Niet meer dan anders. En wat is de eerste prijs van de verloting van de nieuwe Winschoter Winkelweek? Een luxe auto.

woensdag

15 oktober 1956

Terwijl de de-stalinisatie overal doorzet (in Hongarije is in juli Rakosi afgezet, is de in '49 opgehangen Rajk gerehabiliteerd en opnieuw begraven en is oud-premier Nagy die in '55 in ongenade viel opnieuw toegelaten tot de communistische partij), wil Paul de Groot toch graag de kleine Stalin van Nederland blijven. Vanuit de overtuiging dat de geschiedenis de communisten altijd gelijk geeft, wist hij al draaiend Stalin tegelijkertijd te verheerlijken en af te vallen. De taal is geduldig. De mensen gelukkig niet.
Even wat citaten: "Voor ons is Stalin niets anders dan de verper-soonlijking van het Sovjetvolk en het internationale communisme geweest. Wij hebben geen reden om ons verleden te verloochenen. Wij hebben alle reden om daar trots op te zijn en dat zijn we dan ook. De fouten in de Sovjet-Unie, die terecht bekritiseerd zijn, behoren thans tot het verleden. Wij hebben hierover nu voldoende gekriti-seerd en stellen voor er nu een streep onder te zetten. Wij zullen wel voortgaan met de kritische bestudering van allerlei vraagstukken die door het 20-ste congres in de Sovjet-Unie zijn opgeworpen."
De enige conclusie die na zo'n lange periode van Stalinisme kan wor-den getrokken, namelijk dat een volledig gebrek aan democratie leidt tot een steeds waanzinniger wordende dictatuur, wordt door De Groot ontweken, omdat hij alles reduceert tot historische processen. Het leerstuk van het democratisch centralisme kan daarom blijven gelden: "In de discussie hebben sommige partijgenoten foutieve me-ningen naar voren gebracht, die in hoofdzaak neerkwamen op een terugwijken voor de druk van de tegenstanders, een toegeven aan defaitisme en een afbuigen naar sociaal-democratische opvattingen. Wij zulllen deze meningen afwijzen en zullen dat ook ook verder moe-ten doen. ... Degenen die van de marxistisch-leninistische beginselen afgeweken zijn, moeten we helpen die beginselen beter te begrijpen."
En De Groot is niet de enige stalinist. Henk Hoekstra hield een roe-rend pleidooi voor tweerichtingsverkeer in de partij: niet alleen moet het bestuur laten weten wat zij van de leden verlangt, de leden moe-ten ook laten weten wat het bestuur moet doen. Hij vond dat de afde-lingen meer initiatieven zouden moeten kunnen nemen.
Maar ook Hoekstra komt niet verder dan mooie praatjes. Bij de bespreking van de staking in de grafische industrie bleek weer eens dat de communistische partij bestaat uit een merkwaardig soort schoolmeesters die de leden wel eens zullen uitleggen hoe de wereld in elkaar zit. "Er waren arbeiders en ook partijgenoten, die van me-ning waren dat onze krant niet moest verschijnen. In de discussie werd onze krant op 1 hoop gegooid met andere kranten. Buiten be-schouwing werd gelaten dat De Waarheid een onmisbaar wapen is in de handen van de arbeidersklasse." Met zo'n mentaliteit kan de CPN alleen maar ten onder gaan. Hoe belangrijk ze verder ook is om de PvdA aan de linkerkant te houden.

dinsdag

12 oktober 1956

De vooruitgang kan nu eindelijk beginnen: burgemeester Romijn en gemeentesecretaris Egmond hebben hun ruzies bijgelegd. De oud-burgemeester van Haarlemmermeer, Jansonius, heeft als secretaris van een ad-hoc commissie die op verzoek van de gemeenteraad de zaak onderzocht, de twee weer bij elkaar gebracht. De Winschoter Courant prijst geheel ten onrechte deze twee heren ("wij waarderen de geestelijke moed, die beide gerespecteerde mannen thans hebben betoond"), die door hun geruzie blijkbaar het gemeentelijk beleid danig gefrustreerd hebben.

maandag

9 oktober 1956

De uitbreiding van Winschoten - 1200 nieuwe woningen in het plan Bovenburen, 400 in het plan St. Vitusholt en in de toekomst ten zuiden van de spoorlijn nog eens een grote nieuwe woonwijk - vraagt om ideeën over de plaats van nieuwe winkels: moeten ze in de woonwijken of moet het centrum beter bereikbaar worden?
Het gemeentebestuur heeft aan deze kwestie een bijeenkomst gewijd waarop verschillende sprekers acte de presence gaven. Op deze bijeenkomst wees de heer Akker erop dat er jaarlijks in Nederland 60.000 woningen bijgebouwd worden. Dat betekent dat er per jaar meer dan 100.000 mensen verhuizen. Omdat de nieuwbouw tegen-woordig gebeurt in de vorm van wijken, en niet in de vorm van losse woningen, vinden deze verhuizingen stootsgewijs plaats. De midden-stand speelt op deze vernieuwingen in door in de nieuwe wijken win-kels te vestigen voor de alledaagse benodigdheden: brood, vlees, kruidenierswaren. Winkels met gebruiksgoederen blijven in het cen-trum. Het is de taak van de gemeente ervoor te zorgen dat het voor winkeliers aantrekkelijk is zich te vestigen in zo'n buurt.
Prof. Bruin kwam met concrete voorstellen: hij vond dat er een klein winkelcentrum moet komen op het punt waar het Zandpad overgaat in de Witte de Withstraat. Hij zag daar ruimte voor 9 bedrijven (buurtwinkels). Ook bij de wijk in St. Vitusholt zou een dergelijke win-kelcentrumpje kunnen komen. Voor de nieuwbouw ten zuiden van het spoor dacht hij aan een iets groter complex.
De voorzitter van Handel en Nijverheid, Brouwer, was het met de sprekers eens, maar hij zag ook toekomst voor het Kolkje: zijns in-ziens zou daar een tweede winkelcentrum kunnen komen. Hij was er overigens tegen dat de gemeente een al te grote vinger in de pot kreeg bij het vaststellen van plaatsen waar winkels zich zouden kun-nen vestigen. Hoe hij zich dat voorstelt is mij niet duidelijk. In een geheel nieuwe woonwijk is geen ruimte voor de bouw van winkels als die niet meteen meegepland worden. Door de snelle groei van de bevolking is geplande woningbouw noodzakelijk, maar de winkelier wil de handen vrij houden en in deze planning niet meegenomen worden. Een onoplosbaar probleem: laten we hopen dat al die prach-tige winkelcentra straks niet leeg staan en iedereen toch naar het centrum moet voor zijn dagelijkse boodschappen.

zondag

27 september 1956

Nog een bedrijf komt zich in Winschoten vestigen: de accufabriek Goldstar uit Gouda krijgt ook weer een forse steun van de gemeente. Voor haar wordt voor f 121.000,- een industriehal gebouwd. De huur: f 7.800, - per jaar. Houdt zo'n bedrijf er na vijf jaar mee op, dan staat er een hal die de gemeente dan nog f 80.000,- heeft gekost.

zaterdag

21 augustus 1956

De door bestuurders o zo gewenste industrialisering van Winschoten lijkt nu eindelijk op gang te gaan komen. De Duitse fabrikant van ritssluitingen Opti wil in Winschoten een Nederlandse vestiging bou-wen. Om ze over de streep te trekken gaat de gemeente een industrie-hal bouwen die dan door de fabrikant kan worden gehuurd. Deze hal gaat maar liefst f 190.000,- kosten. Opti huurt die hal voor de duur van vijf jaar à f 12.000,- en heeft daarna het recht nog eens voor vijf jaar te huren. Ze kan ook de grond en het gebouw kopen voor de stichtingskosten min de afschrijving. Dat is nog eens subsidiëring.
Wat krijgt Winschoten daarvoor terug? In eerste instantie enige tien-tallen arbeidsplaatsen, voornamelijk voor vrouwen. Als de fabriek eenmaal draait zullen er meer ploegen ingeschakeld komen. Aan-gezien alle machines en grondstoffen ingevoerd worden levert de fa-briek verder geen arbeidsplaatsen op. En dan is f 190.000 toch wel wat veel.

vrijdag

18 augustus 1956

Niet alleen in het oosten kan men er wat van, ook in het westen weet men politieke tegenstanders aan te pakken.
Al gaat het niet gepaard met moord en doodslag, het is toch raar dat in West-Duitsland de communistische partij verboden wordt. Vol-gens het hof voor grondwetszaken is de partij in strijd met de consti-tutie. De regering had dit hof om een uitspraak verzocht. Direct na het bekend worden van het oordeel werden de in het hele land bureaus van de partij door de politie bezet, net als de burelen van hun krant. Dat zal de communisten bekend voor gekomen zijn. Ruim twintig jaar geleden was hen hetzelfde overkomen.
De afgevaardigden in de parlementen van de deelstaten en de ge-meenteraadsleden, respectievelijk 6 en verscheidene honderden per-sonen, worden gedwongen af te treden. Er zijn 25 communistische leiders gearresteerd, 'uit voorzorg', want ze worden niet in staat van beschuldiging gesteld. Mooie rechtstaat.

donderdag

2 juli 1956

Als de berichtgevers niet te vertrouwen zijn omdat ze een positie innemen bij de weergave van de feiten, dan verdwijnen de feiten zelf achter de leugens. Zo zouden er volgens de Amerikanen meer dan duizend doden zijn gevallen bij de Poolse opstand van de laatste dagen, terwijl de Poolse regering zegt dat het om 48 slachtoffers gaat. Ook 48 te veel natuurlijk.
Uiteraard zijn de zgn. aanstichters al gearresteerd, maar de premier maakte ook bekend dat de geplande loonsverlagingen toch maar niet doorgaan. Wie zijn er dan eigenlijk de aanstichters?